Sunday, November 24, 2013

Verantwoordelijkheidsgevoel 2.0

Hoe vaak krijg je de vraag "Waarom doe je het?". Waarom werk je in de zorg? Voor het geld hoef je het niet te doen. Zo goed verdient het niet. Daar komt bij dat je onregelmatig werkt, om het weekend werkt, regelmatig gebeld wordt of je een dienst extra kunt doen, en daar komt bij dat er steeds meer van je verwacht wordt in steeds minder tijd. Het takenpakket wordt steeds groter: wassen, douchen, steunkousen, aankleden, medicijnen delen, injecteren, was opruimen, prullenbakken legen, boodschappen doen, eten klaarmaken, naar het toilet helpen, zorgplannen maken, zorgleefplanoverleg voorbereiden, meetweek invullen, contact houden met familie, vrijwilligers en mantelzorgers,  rapporteren en overdragen. En dat allemaal op 1 dag. Klinkt niet echt aantrekkelijk he?

Maar dat is het wel! Waarom doe je het? Omdat je hart zegt dat je dat 'moet' doen, omdat dat in je zit, omdat het goed is. 's Morgens die slaperige oogjes tegemoet zien, goedemorgen wensen, lekker verzorgen, nog even met bodylotion insmeren, rustig blijven ondanks dat je eigenlijk helemaal geen tijd hebt, een praatje maken, luisteren naar de verhalen die je verteld worden, een bewoonster die vol trots een foto laat zien van een kindje in Afrika die in haar eigen gebreide deken ligt, ontbijtje maken, heel veel kopjes thee zetten en weg gaan met het idee dat de dag goed begonnen is en dat jij daarvoor hebt gezorgd. De dag goed laten verlopen, en alles doen wat van je verwacht wordt. De kleine dingetjes 'zien', een glimlach, iemand de slappe lach bezorgen, de ondeugd in iemand naar boven halen, een heel klein beetje extra doen omdat je weet dat diegene daar blij van wordt. Omdat ze dat het gevoel geven dat ze er toe doen. En als dat gelukt is wordt je er zelf zo ontzettend blij van! Blij worden van blijheid. 

En ondertussen zie je dezelfde mensen zo vaak dat je je verantwoordelijk gaat voelen. Je betrokkenheid wordt groter, ze krijgen een verantwoord plekje in je hart. Een klein 'werk-plekje' in je hart. Als iemand ziek is vraag je je af hoe het gaat en als iemand overlijdt denk je even terug en herdenk je even. En als je betrokken bent bij een onfortuinlijk incident kun je niets anders dan hopen dat het goed komt. Je betrokkenheid wordt ontzettend uitgedaagd, want ook al weet je dat je niets had kunnen doen.... dan spreekt dat kleine plekje in je hart je aan. Dat plekje in je hart zorgt ervoor dat je zorgt. Daarom doe je het.

Monday, November 11, 2013

Jij ook een PG-tje?

Bij binnenkomst ligt ze nog lekker op haar linkerzij met haar dekens tot aan haar oren opgetrokken op bed te slapen. Het is bijna tien uur, en ik maak haar wakker. "Ach, laat mij maar lekker liggen". Een paar slaperige ogen kijken mij aan. Eigenlijk wil ik dat ze uit bed komt, dat ze zich aankleed, omdat de koffie bijna komt, omdat ze tussen de middag in het restaurant eet. Terwijl ik weet dat ze lekker wil blijven liggen, rustig aan opstaan, melk met cruesli eet, op de bank nog even verder 'koeze' zoals ze zelf zegt, lekker langzaam op gang komen. Eten in het restaurant, de servetten en placemats meenemen voor de kleinkinderen die eigenlijk niet komen. Haar dit op laten ruimen en wanneer ze het niet merkt dit vakkundig de deur uit werken omdat je anders door de servetten de tafel niet meer ziet. Leven volgens eigen regie en eigen ritme, met een klein beetje sturing. Zoals het zou moeten. En dat je dan je collega hoort zeggen "Dat is toch echt een PG mensje he?, die hoort hier eigenlijk niet meer". 

Tegen iemand met kanker zeg je ook niet "He, kanker leider!", dan is het gelijk een scheldwoord, of bij iemand met het Down Syndroom zeg je ook niet "Hé, mongool". Waarom noemen wij bewoners die beginnen te dementeren of die al in een verder gevorder stadium zijn dan PG-bewoners? Wanneer zijn we begonnen met het benoemen van de ziekte? Waarom doen we dat eigenlijk?

Is zorg makkelijker uit te voeren als alle bewoners met dezelfde aandoening in een woonvorm wonen? Omdat we denken dat ze daar beter van worden? Homogene groepen zijn het beste af in een verpleeghuis? Maar hebben we daarin dan niet één klein dingetje over het hoofd gezien? 

Namelijk dat meerdere mensen, die weliswaar dezelfde aandoening hebben, helemaal niet dezelfde wensen hebben? Dat is een creatie van de instelling zelf. Meerdere mensen met dezelfde aandoening in een woongroep plaatsen, met allemaal het ritme zoals de zorg dat gewend is, in een homogene omgeving. Juist, zorg zoals de zorg dat gewend is. Voor tien uur uit bed, aan de koffie, twaalf uur de warme maaltijd, en om vijf uur de boterham. Omdat we dat zo gewend zijn, omdat we dat al jaren doen, en omdat dat het meest makkelijk is. Niet alleen bij mensen die niet meer alles zo goed kunnen onthouden, maar ook bij mensen die alles nog wél goed kunnen onthouden, maar in een verzorgingshuis komen wonen. 

Niet eens je eigen behang en vloerbedekking uitzoeken. Alleen een paar meubeltjes mee en wat spulletjes en meer heb je niet meer nodig in je laatste levensfase. Toch?....... Niet! Tijd voor verandering. Niet de aandoening benaderen maar wat iemand wél kan! Een mooi uitgangspunt om de zorg op in te richten! Wat wil iemand zelf eigenlijk, en hoe ziet de zorg en de omgeving er uit? Wie kunnen daarbij helpen? Denken vanuit de klant, niet vanuit de zorg. 


Thursday, October 17, 2013

Dood(gewoon)

Wat krijgen we er in ons vak vaak mee te maken; dood.....

.... In de meest letterlijke en figuurlijke zin van het woord. Vandaag hadden we vergadering van de ondernemingsraad. Iemand zei in het gesprek "Al die kleine dingetjes die je doet, dat wordt als doodgewoon ervaren". Dat is ook zo. "Zuster, wil je nog even dit meenemen?", "Ach, zuster, kunt u mij hier nog even mee helpen?". En het doodgewone antwoord luidt van onze kant vrijwel altijd "Ja hoor! Dat doe ik even."

In de afgelopen jaren hebben we in het verzorgingshuis veel te maken gehad met sterfgevallen. Bewoners die overleden. Een flinke verschuiving in aantal, ook niet zo gek met al die ouder wordende bewoners. Toch is ieder sterfgeval anders. Ieder mens is anders, ieder lichaam reageert anders, en bij iedere bewoner is de omgeving en zijn de naasten anders. En toch betrap ik mijzelf er op dat het omgaan met de dood makkelijker gaat naar mate het in de afgelopen jaren vaker voorkomt. Wordt de dood straks ook doodgewoon?

Even denk ik terug aan mijn vorige werk. Een woning met tien verstandelijke en ernstig meervoudig gehandicapten. De moeder van één van de bewoners ligt op sterven. We laten de bewoner, een man met het downsyndroom van eind dertig, een paar keer naar zijn moeder in het ziekenhuis gaan. We proberen aan hem uit te leggen wat de situatie is. Hij lijkt de situatie niet in te kunnen schatten, wordt vaak chagrijnig. Vindt het allemaal maar lastig en met regelmaat hoor ik hem 'Klop niet!' zeggen. Nee, inderdaad, het beeld van je ernstig zieke moeder in het ziekenhuis klopt niet, als je gewent bent dat ze thuis is en op je wacht als je wordt opgehaald door je vader.

Een paar dagen later overlijd zijn moeder. Hij gaat naar de begravenis. Hij wordt op een doordeweekse dag in zijn goede kleren gestoken, hoeft niet naar het werk, en gaat mee. "Klopt niet hoor!" Geen idee van wat hem te wachten staat. Wanneer hij weer terug is van de dienst zegt hij 's avonds onder het eten "Mien Moe doet het niet meer, kapot, is geweest! Dat klopt he?" Ja, dat klopt. "Doet het niet meer, klaar" herhaalt hij nog eens. En daarmee is voor hem het onderwerp afgesloten..... Doodgewoon.


Tuesday, October 1, 2013

Zacht zoet


Zo las ik eerder eens dat tegenwoordig veel mensen een beetje sloom en futloos overkomen, en dat dat te wijden was aan het feit dat je in de winkel bijna alleen nog maar pitloze druiven kunt kopen in plaats van druiven mét pit.

Vandaag liep ik in de winkel, en in een moment van zwakte sloeg ik het gangpad in met snoepjes. Ik ben er inmiddels heel goed in geworden om dit gangpad te mijden, of gewoon met de ogen dicht door het pad te rennen in de hoop dat ik tegen niemand op bots. Ik doe dat bewust, omdat ik echt gék ben op snoepjes. Ik vind ze heerlijk! Biggetjes, apekoppen, kikkertjes, dropveters en banaantjes, hemels! Maar ik ben al zo rond en on-charmant, en om te voorkomen dat ik echt rollend door het leven moet sla ik dit gedeelte van de winkel zorgvuldig over.

Maar vandaag gaf ik even toe aan mijn zwakte en ging ik kijken bij de snoepjes. Gewoon nieuwsgierig. Ik zette mijn mandje op de grond, en zoals alleen ik dat kan ging ik op onderzoek uit. Zoiets als een boek in de boekwinkel uitzoeken. Eerst kijk je naar de titel, dan naar de kaft en uiteindelijk lees je de achterkant om te kijken welke je uiteindelijk meeneemt. Ik haalde verschillende verpakkingen uit het schap, en keek eerst naar de naam, daarna naar de verpakking, toen naar de kleur en vorm en vervolgens ging ik kijken naar waar ze zouden moeten smaken. En terwijl ik met mijn armen vol verpakkingen ~vrolijk en gekleurd~ midden in de winkel sta, realiseer ik mij opeens dat alle verpakkingen het zelfde aangeven; Zacht Zoet!

Zacht zoete drop, zacht zoete biggetjes, zacht zoete banaan gommen met drop, zacht zoete spekkies, zacht zoete wolken dropjes, zacht zoete drop-fruit kabouters.

"Je bent wat je eet" wordt er wel eens gezegd. Nou met recht. Letterlijk zacht en zoet.

Ik heb alle verpakkingen teug gelegd in het schap en ben naar het zuivelschap gegaan op zoek naar slankie smeerkaas. Wie weet wordt ik dan toch nog een keer echt Slank(ie).

Sunday, September 29, 2013

Tuintje in mijn hart

Maandag zit ik op school, en krijg tijdens de les een mailtje. En nieuwsgierig als ik ben open ik hem gelijk. "Je bent getagd in een bericht op Facebook". Ik open Facebook, en ik zie in deze nieuwe manier van communiceren het bericht voorbij komen dat er een volkstuintje beschikbaar is. Een half jaar geleden hadden we het er over, om eens een tuintje te huren om onze eigen groente, fruit en bloemen op te kweken. Zodat we lekker groente uit eigen tuin kunnen eten, en ook lekker een plek hebben waar we aan kunnen werken, op de knieën onkruid wieden, of gewoon even heen kunnen. We hadden ons ingeschreven, en enige tijd later kwam dan toch het bericht; We hebben een tuintje!!

Terwijl ik dit lees wordt ik vanbinnen een beetje blij. Zelf heb ik helemaal geen tuin, alleen een paar tegels waar je kunt zitten, en dat terwijl ik gek op tuintjes ben. Vroeger vond ik tuintjes al te gek. Lekker wroeten in de aarde, plantjes water geven en kunnen zien dat alles begint te bloeien en groeien. Ik kreeg als klein meisje dan ook een eigen strookje tuin langs de schutting om voor te zorgen, en ik was daar erg trots op! Als iemand vroeg wat ik wilde worden zei ik altijd "Tuinvrouw!". We weten allemaal dat dat inmiddels iets anders heeft uitgepakt :)

Ik dagdroom alvast van het stukje tuin en wat we er allemaal op kunnen zetten, welke groente ik zou willen, en of de anderen net zo blij zijn als ik. We delen het tuintje. Veel leuker, en veel minder werk. En dat er natuurlijk tuinkabouters moeten komen.

Op donderdag ochtend ben ik aan het werk. Zoals altijd op donderdag gaan we met de bewoners van de etage koffie drinken. Dat is altijd heel gezellig. Lekker met de bewoners koffie drinken en keuvelen over van alles, en het leukste is om te zien dat zíj het ook zo gezellig vinden! Lekker laagdrempelig kletsen en aandacht voor iedereen omdat de groep niet zo groot is. Het is even stil en ik vertel over het tuintje. Dat het hele tuintje voor de winter nog omgespit moet worden, en ik vraag als grapje wie er willen helpen. Wát een reactie!! Allemaal bewoners met tuinadviezen, hoe diep je moet spitten, dat ze wel zouden willen helpen maar niet meer kunnen, een eigen tuintje hebben gehad, wat je met de groente moet doen, dat de Dahlia die er staat er beter uitgehaald kan worden want die trekt oorwurm aan, en dat tomaten uit eigen tuin toch echt het allerlekkerst zijn op je boterham.

In ieder geval weet ik nu waar ik de komende tijd mijn tuinadviezen vandaan kan halen! Al die wandelende encyclopedieën. Ik kan niet anders dan genieten van dit gesprek, de één vertelt nog meer dan de ander, en iedereen kent het begrip volkstuintje. Heerlijk. En terwijl ik hier met de bewoners zit te kletsen groeit mijn hart een beetje. Dit is waarom zorg zo leuk is, dit moment van gezelligheid en contact. Er zit weer een beetje meer liefde in voor deze mensen....

... Er groeit een tuintje in mijn hart.

Thursday, September 19, 2013

Met Liefde zonder Geheugen

"Zullen wij u naar bed brengen?" Vragen we, wanneer mijn collega en ik bij uw appartement komen. Als altijd vraagt u dan "Waar ga ik nu heen dan? " En zoals bijna altijd luidt ons antwoord, "Nergens naar toe, u mag hier blijven, we brengen u naar bed, dan kan u zo lekker gaan slapen". "O, dan is het goed" zegt u met een verwarde blik.

"Wilt u uw pyjama aan? Doe uw linker arm maar omhoog", en u steekt behulpzaam uw rechter voet uit. "Zo?" Ja, prima hoor, en wij helpen u met de mouw aan de goede arm. "Waar is mijn bril dan?",  "Op tafel, net als anders, morgen als u uit bed komt doen we hem weer op".


"We doen de tilmat achter uw rug, mag u iets naar voren leunen." Behulpzaam steekt u uw handen uit.  "Zo?" Ja hoor, en weer helpen u naar voren om de mat goed te doen. "Waar is mijn bril dan?" "Op tafel mevrouw". "Waar moet ik nu heen dan?", "Nergens heen, u blijft hier dan brengen wij u naar bed als u dat goed vind".
Weer die verwarde blik. Wanneer u op bed ligt vragen wij u de knieën op te trekken, u strekt uw benen. Als we u vragen op uw zij te draaien begrijpt u onze vraag niet. Wij blijven geduldig. "Waar is mijn bril dan?". "Op tafel, waar hij anders ook ligt".

"Doe ik het allemaal wel goed?", "Ben ik lastig?", "Ik ben zo bang dat ik het allemaal verkeerd doe". Elke dag, iedere vijf minuten, 24 uur per dag, 7 dagen per week, al maanden lang dezelfde voorzichtige en onzekere vragen. Ach lieverd, u kunt niets fout doen. Zo'n goed hart, zo behulpzaam, alleen begrijpt u onze vragen niet meer. Daar kunt u niets aan doen, denk ik dan. Maar die verwarde blik. Onzeker. Als er maar een manier was hoe ik dat weg kan nemen. We stoppen u lekker in, en vragen of u lekker ligt. "Ik geloof het wel". Oke, "Dan mag u lekker gaan slapen". We ruimen de laatste dingetjes op, en haar ogen zakken van vermoeidheid al dicht. Voor we weg gaan wensen we nog even welterusten en een kus. "Waar ga ik nu heen dan?", "Nergens heen, ga maar lekker slapen, het is avond, welterusten", en we vertrekken richting de gang.

En vlak voor we bij deur zijn hoor ik heel zachtjes achter mij "U ook lekker slapen".

Ach, heerlijk. De rustgevende woorden klinken. Tevreden stap ik de deur uit.

Tuesday, September 10, 2013

Roze Ouderen


Gisteren in het eerste uur van de les op school begon de docent met het 'Gerontologie Momentje', een momentje om iets over ouderen, ouderenzorg, een ervaring, of gewoon iets leuks om te delen met de rest van de groep. Een van mijn klasgenoten vertelde over een documentaire over 'roze ouderen', homoseksuele ouderen. We deelden even kort ervaringen uit over bewoners in verzorgingshuizen die voor hun seksuele geaardheid zijn uitgekomen. Ik kan mij maar één keer herinneren dat ik dat heb meegemaakt.

In het huis waar ik werk was zo'n 'roze oudere'. Deze zachtaardige man, met zijn zenuwen, had een vriend. Altijd bang voor wat de omgeving van hem vond, en hij vond het moeilijk om aan zijn geaardheid toe te geven, hoe blij hij ook was met de liefde van zijn leven; zijn vriend.

Ook niet geheel onterecht dat hij moeite had met zijn geaardheid, want tegenwoordig is het helemaal niet meer vreemd om samen te zijn met iemand van je eigen geslacht, maar vroeger was dit wel anders. Deze mensen mochten er niet voor uit komen, het was niet goed, het was een ziekte. Je hoort iemand van je eigen geslacht niet aantrekkelijk of leuk te vinden, en er al helemaal niet verliefd op worden! Als je toegaf dat je dat wel deed, dan kreeg je therapie, want je had een psychische ziekte. Het hoort niet. Het mag niet.

Gelukkig is dat nu wel anders. Maar hoeveel ouderen zijn er die er voor uit komen? Hoe veel mensen van oudere leeftijd of bewoners in het verzorgingshuis ken je die wel openlijk durven toe te geven dat ze homoseksueel zijn? Weinig, of niet?

Vanmorgen zette ik gelijk mijn laptop aan om uitzending gemist te kijken. Deze documentaire moest ik wel zien! Een prachtige en respectvolle, maar ook stoere, documentaire over een groep ouderen die wél uit de kast zijn gekomen, en hun ervaring uit het verleden waar zij tegen aan liepen, een ook over hun ervaringen en leven zoals die nu is.

Dit onderwerp vraagt aandacht!! Hoe kunnen we omgaan met zorg voor deze mensen, zodat zij gerespecteerd en gewaardeerd in een huis met leeftijdsgenoten kunnen wonen die het ook kunnen accepteren. Deze groep ouderen die onzichtbaar is in de samenleving en in de zorg, hoe maken we ze zichtbaar?

Dit is de link naar de documentaire 'Roze Ouderen':

http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1364867


Ps: Er is ook een roze 50+ groep, klik hier voor de site.
Ps deel 2: Vilans geeft trainingen voor de zorg hierin, klik hier!